‘Het toe-eigenen van het toegestane’
Naast een erfenis en een overeenkomst (zie mijn vorige post hierover) kan je ook eigenaarschap over een goed verkrijgen door ‘het toe-eigenen van het toegestane’ (tamalluk al-mubaah). Wat houdt dit in?
Dit houdt in dat je jezelf iets toe-eigent wat aan niemand toebehoort en wat je je islamitisch gezien mág toe-eigenen. Denk aan het kappen van bomen in het bos, het jagen op wilde dieren en het scheppen van water uit een openbare waterput. Eenieder is vrij om daarvan gebruik te maken, dus zodra iemand iets daarvan in gebruik neemt heeft hij daar eigenaarschap over.
Hieronder valt ook intellectueel eigendom, zoals het schrijven van een boek, het ontwerpen van een merk of het ontwikkelen van software. Het idee was immers vrij beschikbaar voor eenieder, dus de eerste die het bedenkt en creëert heeft het zichzelf toegeëigend.
De islamitische autoriteiten hebben de bevoegdheid om de categorie van ‘tamalluk al-mubaah’ te reguleren, in het algemene belang. Denk aan een tijdelijk of regionaal jacht- of kapverbod.
Ook de vinder van een gevonden voorwerp kan zich het goed toe-eigenen, op bepaalde voorwaarden waarover ik in een volgende post uitweid.
